Dag 17. Rantabe - Tanjona
Die nacht komt de regen met bakken uit de hemel en de tent
blijft nauwelijks droog. Zodra het licht is besluiten een stel honden non stop te gaan blaffen en de hanen houden ons ook
uit de slaap. Desondanks weet ik aardig wat uurtjes slaap te
pakken, maar de vandaag af te leggen 20 kilometer zien we niet
zitten. We hopen op een passerende taxi brousse, maar die komt
niet. Onze gids weet een jongen op een crossmotor zo ver
te krijgen ons, één voor één, een eind verderop te brengen.
We komen terecht
bij een vriendelijke Malagasy man genaam Olivier die ons zijn
huiskamer aanbiedt. De muren zijn behangen met posters van David Beckham en
Titanic. We worden uitgenodigd aan tafel en samen met zijn vrouw en een oudere man eten we spaghetti wat door iedereen met luid geslurp naar binnen wordt gewerkt.
De dragers zijn
nog te voet onderweg hiernaartoe met de bagage, en ook onze
gids moet het hele stuk te voet afleggen. We hopen van hieruit
een of ander gemotoriseerd voertuig te charteren om ons opnieuw
enkele kilometers dichter bij Mananara te krijgen.
Die middag
zoeken we het strand op. De oudere man toont ons de weg en neemt
plaats naast ons in de schaduw van een palmboom in het zand.
En is niet meer weg te slaan. Pas als we beiden demonstratief
gaan lezen en zelfs gaan slapen besluit hij maar weer eens op
te stappen. Het strand is paradijselijk met regenwoud tot aan
het witte zand en grote rotsen in het water.
Het is hier
aan de ene kant een paradijs: je hoeft je hand maar uit te steken
naar de bomen, zwanger van lychee's, naar ananas of mango's,
er is een oceaan vol vis. Een hel aan de andere kant wanneer
je 4 dagen moet lopen naar de dichtstbijzijnde "stad",
waar je verstoken bent van medische zorg en elektriciteit,
waar je 3 maanden per jaar moet vrezen voor gewelddadige orkanen,
waar wegen vaak niet begaanbaar zijn en bruggen om de haverklap
instorten.
Die avond wordt een kip onthoofd ter avondmaal en wij betrekken
niet de tent, maar een voor ons door Olivier geprepareerde etage
in een van zijn houten huisjes. De dragers slapen op de begane
grond, zijn om 8 uur onder zeil en ook ik ben tegen 9 uur vertrokken.
|