|
|
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
7 |
8 |
9 |
10 |
11 |
12 |
13 |
14 |
15 |
16 |
17 |
18 |
19 |
20 |
21 |
22 |
23 |
24 |
25 |
26 |
27
|
Dag 21. Nosy Antafana
En aldus geschiedde.
Om kwart voor 5 moet ik op en word ik opgehaald
door Patrick van ANGAP. Ik heb gezelschap van Carine's zoontje
en een pas getrouwd Frans-Hindoestaans stelletje. De boot ligt
klaar aan het strand pal voor het hotel en na een redelijk kalme
rit en een regenbui later doemt Nosy Antafana op. We varen eromheen
en meren aan op een spierwit strand. Er is een klein huisje voorzien
van zonne-energie. Antafana wordt bewoond door 2 ANGAP mensen
en een paar vissers, die 2 keer per week mogen komen vissen. Achter
het huisje is een plek waar eten wordt bereid. Het krioelt er
werkelijk van de ratten die door de pannen scharrelen; diezelfde
pannen als waarin voor mij 2 vissekoppen worden bereid ter ontbijt
- die ik vriendelijk doch resoluut afwijs. Carine's zoontje Anthony
heeft er echter geen enkel probleem mee en verorbert de maaltijd,
gezeten tussen de ratten, in een paar minuten.
Na het "ontbijt" lopen
we het dikke regenwoud in met een vloerkleed van varens. Er vliegen
talloze reusachtige vleermuizen rond die luid kabaal maken, en
er volgt een genadeloze muggen aanval op mijn benen. Snel loop
ik door richting het strand en stap snel in de lauwwarme zee om
te ontsnappen aan de muggen.
We lopen vervolgens het eiland rond,
dat wel zeer exotisch is met regenwoud tot aan de zee. Het
water heeft de kleur van een zwembad. Na onze tocht rond het eiland
steken we per pirogue over naar één van de andere
eilandjes in het atol. Het is ook per voet te bereiken want het
water komt tot aan de middel, maar ik moet met de pirogue vanwege
de foto-apparatuur die ik bij me heb. De kano is zo lek als een
mandje en helt vervaarlijk over, maar we slagen erin met droge
apparatuur een strandje aan de overkant te bereiken.
Dit eiland is meer rotsachtig en bevat
mangrove bossen met zeer helder water. Tussen de rotsen zwemmen
vissen in allerlei kleuren en na een gevaarlijke klim omhoog hebben
we een fraai uitzicht over het atol. Met de pirogue varen we terug
en er wordt opnieuw een visssenkoppen lunch bereid tussen
de ratten die ik opnieuw oversla.
Hierna gaan we met de boot richting
het derde eiland om te snorkelen. Dit atol zou het mooiste koraalrif
van Madagascar hebben, en dat is ook de indruk die je krijgt vanuit
de lucht gezien, maar tot mijn spijt is het allemaal morsdood.
De eens trotse koraalriffen zijn een dode, kleurloze massa. Later
leer ik dat dit deels komt door een cycloon en deels door klimaatsveranderingen.
Erg zonde.
Na het snorkelen verlaten we het atol en na een uur
met de speedboot zijn we terug bij het hotel. Hier bereikt ons
goed nieuws; Mr. Roger is, na diverse bemiddelings pogingen, toch
bereid ons naar zijn eilandje te brengen. En dus zitten we wat
later in de laadbak van een pickup en hobbelen door Mananara waarna
we een serene rivier oversteken met de pirogue.
Op Aye Aye eiland
aangekomen, een eilandje midden in de rivier, begroeid met palm-
en bananenbomen, wachten we tot het donker is en een gids met
zaklap gaat op zoek naar de Aye Ayes. Hij roept dat ze gevonden
zijn en vanaf dat moment rennen we als een stel bezetenen in het
stikdonker door de dichte begroeiing, met vallen en opstaan, om
een glimp van de snel bewegende beesten op te vangen. Soms zien
we er eentje hoog in de boom naar ons gluren, en hoewel het niet
veel is wat we zien, vangen we toch een glimp op van de obscure
lemuur en ik slaag er zelfs in een wazige foto te schieten.
Missie geslaagd!
Mr Roger rijdt ons hoogst persoonlijk terug en
eenmaal terug bij het hotel schud ik hem de hand en bied hem
mijn excuses aan voor de misverstanden, waarna alles weer in orde
lijkt te zijn. Te beoordelen aan Roger's brede lach!
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
7 |
8 |
9 |
10 |
11 |
12 |
13 |
14 |
15 |
16 |
17 |
18 |
19 |
20 |
21 |
22 |
23 |
24 |
25 |
26 |
27
|
|
|